“None of us is as good as all of us”*
* Ray Kroc – architect van McDonald’s franchiseexpansie
Veel ondernemers bereiken vroeg of laat het punt waarop hun organisatie staat als een huis: het concept werkt, het product of dienstenpakket is bewezen succesvol en de financiële resultaten zijn meer dan solide. Op zo’n moment dringt een volgende logische stap zich op: GROEIEN of niet! En wie groei overweegt, komt al gauw voor enkele fundamentele strategische keuzes te staan. Is franchising daarvoor de juiste formule? Ga je als ondernemer elk filiaal of elke nieuwe unit zelf opzetten en financieren? Of kiest men – zoals Ray Kroc – voor commerciële samenwerking met partners die in het commercieel concept geloven en ook bereid zijn om te investeren in een eigen zaak en tegelijk bijdragen aan de groei van de formule?
Maar ook de startende of nieuwe ondernemer moet al snel belangrijke keuzes maken. Kiest men voor volledige zelfstandigheid, waarbij maximale ruimte bestaat voor persoonlijke creativiteit, innovatie en het ontwikkelen van een eigen concept. Of is aansluiting bij een bewezen en succesvolle franchiseformule, waarin structuur, ondersteuning en merkbekendheid centraal staan een beter alternatief? Daar staat tegenover dat niet alles vrij in te vullen is. Wie voor franchise kiest, kiest dus bewust voor zelfstandig ondernemen binnen duidelijke spelregels. Deze afspraken zijn bedoeld om het merk, het netwerk van franchisenemers en het gezamenlijke succes te beschermen en te versterken, ook al beperkt dit soms de individuele vrijheid en creatieve ruimte.
Alvorens te streven naar een franchiseformule, is het voor de potentiële franchisegever essentieel om eerst de ‘franchiseerbaarheid’ van zijn/haar concept te beoordelen. Niet elk succesvol concept is automatisch geschikt voor franchising. Er zijn vier kerncriteria waaraan een franchiseformule moet voldoen:
- Sterk onderscheidend concept: het concept moet uniek zijn en duidelijk meerwaarde bieden ten opzichte van concurrenten.
- Sterk gepositioneerd en herkenbaar merk: het merk moet herkenbaar zijn en vertrouwen wekken bij klanten en franchisenemers. Het merk vormt één van de fundamenten van de franchiseformule.
- Financieel bewezen succes: de formule moet aantoonbaar winstgevend zijn en een stabiele financiële basis hebben.
- Repliceerbaarheid en overdraagbare knowhow (‘savoir-faire’): de processen, kennis en expertise moeten eenvoudig overdraagbaar zijn aan franchisenemers, zodat het concept consistent kan worden uitgevoerd in meerdere vestigingen.
Eens dit lijstje met basispremisses afgevinkt kan men starten en beginnen aan de voorbereidingsfase: de ontwikkeling van het concept – inclusief definiëring van de standaarden, operationele organisatie, opleidingen, ondersteunende diensten en IT. Ook dient te worden gewerkt aan een sterk juridisch kader en een goed onderbouwd financieel plan – samen vormen deze aspecten de fundamentele blauwdruk van de franchiseformule.
Voornoemde bestanddelen werden door de Belgische wetgever ‘vertaald’ in een definitie van “commerciële samenwerkingsovereenkomsten” [1] die hier minder terzake doet maar de PID-wet moet vermeld worden omdat ze franchisegevers verplicht om degelijke precontractuele informatie aan te leveren aan kandidaten-franchisenemers hetgeen de kans op vergissingen reduceert.
We komen echter terug op de vraagstelling en de hamvraag van deze bijdrage. ‘Is franchising daarvoor de juiste formule?’ Welke motieven zetten de ondernemers ertoe aan om dit traject van franchising te overwegen?
Hieronder vindt u een niet-limitatief overzicht van de belangrijkste voor- en nadelen voor zowel franchisegever als franchisenemer:
De voordelen
Voor de Franchisegever:
- Hij is in staat om een groeiproces op te zetten met beperkt eigen kapitaal en een netwerk uit te bouwen met beperkt risico. Franchisenemers investeren nu eenmaal in hun eigen vestiging en dragen actief bij aan de groei van het totale netwerk.
- Samenwerking met lokale partners via franchising maakt het mogelijk om sneller nieuwe markten te betreden en zorgt tegelijkertijd voor een sterke lokale verankering. Franchisenemers brengen lokale marktkennis in, wat de groei van het concept en het netwerk efficiënter en robuuster maakt.
- Franchising creëert schaalvoordelen: een groter netwerk leidt naar gezamenlijke aankopen, marketing en kennisdeling en zorgen voor efficiëntere processen binnen het netwerk.
- De franchiseformule – met langdurige samenwerkingen – genereert recurrente inkomsten voor de franchisegever via royalties en bijdragen in de kosten, waardoor de cashflow stabieler wordt.
Voor de Franchisenemer:
- Men kiest ervoor om Franchisenemer te worden om de voordelen van zelfstandig ondernemerschap te combineren met de kracht van een bestaand en succesvol concept. Franchise kan worden beschouwd als een ‘ready-to-use’ bedrijfsformule: een uitgewerkt en getest concept dat toelaat om sneller te starten dan bij een volledig zelfstandige oprichting.
- Daarnaast deelt de Franchisegever zijn kennis en ervaring (knowhow) en biedt hij gerichte ondersteuning, zowel bij de opstart als tijdens de verdere uitbouw van de onderneming. Hierdoor kan de Franchisenemer sneller op kruissnelheid komen en zich focussen op de dagelijkse werking en commerciële groei van zijn unit.
- Als Franchisenemer staat men er niet alleen voor. Hij of zij wordt deel van een netwerk van gelijkgestemde ondernemers binnen dezelfde formule: een club van collega’s met een gedeelde passie, waarin ervaringen, inzichten en best practices worden uitgewisseld. Dat versterkt niet alleen het ondernemerschap, maar ook het gezamenlijke succes van de formule.
Naast de ontegensprekelijke voordelen zijn er ook belangrijke nadelen en uitdagingen of laten we ze liever aandachtspunten noemen voor zowel de Franchisegever als Franchisenemer:
De aandachtspunten
Voor de Franchisegever:
- De transitie van een traditioneel exploitatiemodel naar een franchiseorganisatie impliceert een wezenlijke verschuiving in aansturing en governance. Operationeel management maakt plaats voor strategisch leiderschap, waarbij de focus verschuift naar het aansturen, ondersteunen en monitoren van franchisenemers binnen een gestandaardiseerd formulekader.
- Het franchisemodel impliceert een ander financieel verdienmodel, waarbij de franchisegever inkomsten genereert via franchisevergoedingen en royalties, wat een fundamenteel andere inkomsten- en kostendynamiek met zich meebrengt. Dit vereist een aangepaste P&L-logica en een voorafgaande financiële doorrekening om rendabiliteit en cashflow op netwerkniveau correct te beoordelen.
- Het succes van het netwerk hangt sterk af van de prestaties van de franchisenemers, wat een systeemrisico, bijkomende coördinatie en beheerscomplexiteit met zich meebrengt.
- Er bestaat ook een aanzienlijk risico voor de merkreputatie, aangezien één ondermaats presterende vestiging de merkperceptie van het volledige netwerk kan beïnvloeden, zeker in de opstartfase.
Voor de Franchisenemer:
- Succes komt ook binnen een franchiseformule niet vanzelf. Het resultaat wordt in sterke mate bepaald door de inzet, discipline en ondernemerschapsmentaliteit van de franchisenemer. De formule biedt een kader en ondersteuning, maar de dagelijkse uitvoering en lokale verankering blijven cruciaal.
- Daarnaast is het belangrijk om de verwachtingen realistisch te houden. Franchise is geen garantie op succes. Dromen van snelle winst of moeiteloze groei zonder intensieve betrokkenheid zijn vaak bedrog. Een helder inzicht in investeringen, werkdruk, rendabiliteit en groeipotentieel voorkomt teleurstellingen op langere termijn.
- De juiste keuze van type franchiseconcept is essentieel: kiest u voor hard franchising, waarbij processen en beslissingen sterk gestuurd worden, of voor soft franchising, dat meer ruimte laat voor autonomie en eigen invulling van het ondernemerschap. De mate van sturing moet aansluiten bij de persoonlijkheid, competenties en verwachtingen van de Franchisenemer.
- Check aldus de historiek van het merk en concept, hoeveel verkoopspunten zijn er, hoeveel zijn er verdwenen in de laatste jaren, hoeveel komen er nog bij? Bezoek ook bestaande franchise-vestigingen en spreek met de Franchisenemers. Stel je vragen, deel je bezorgdheden en luister naar hun feedback.
De juiste keuze vereist van beide partijen een zorgvuldig en grondig traject bij de voorbereiding:
Voor de Franchisegever is er de implementatie van het franchisesysteem zoals hierboven reeds vermeld waarbij men een aantal essentiële tools zorgvuldig moet aanmaken zoals o.m. een lastenkohier met de nauwkeurig uitgewerkte visie, waarden en standaarden van het netwerk, een op maat gemaakt business plan met voldoende aandacht voor reguliere cash planning van zowel franchisegever als franchisenemer en een sterk maar evenwichtig franchisecontract dat het “netwerk als derde partij” goed beschermt maar ook de “win win”-logica verwoordt met aandacht voor regelmatige communicatie en een gepaste geschillenregeling m.i.v. bemiddeling.
Zoals reeds hierboven vermeld zijn Franchisegevers verplicht om degelijke precontractuele informatie aan te leveren aan kandidaten-franchisenemers. Het precontractueel Informatiedocument (PID) vormt daarbij de absolute hoeksteen van een transparante en duurzame franchiserelatie. Hoe eerlijker, vollediger, juister en gedetailleerder dit document wordt opgesteld, hoe beter kandidaat-franchisenemers in staat zijn om zich een correct en realistisch beeld te vormen van het concept, het systeem, de geboden ondersteuning en de bijhorende kosten en baten.

De PID-verplichtingen werden bij Wet van 9/2/24 en KB van 19/8/24 verder uitgebreid en houden nu o.m. ook in dat de franchisegever een geraamde exploitatierekening over een periode van minimum drie jaar dient te delen met de kandidaat-franchisenemer.[2]
Maar evenzeer rust op de kandidaat-franchisenemer de verantwoordelijkheid om dit document aandachtig en kritisch te bestuderen en ook om zelf volledig transparant te zijn naar de franchisegever toe over zijn eigen ervaring en financiële toestand. Het organiseren van een grondige vraag- en antwoordsessie vóór de ondertekening van de overeenkomst is daarbij sterk aangewezen om eventuele onduidelijkheden weg te werken en verwachtingen verder te verfijnen. In deze fase is het dan ook sterk aan te raden om zich te laten bijstaan door experten, zoals accountants en/of franchise-experten en juristen. In die zin bepaalt het PID in grote mate de slaagkansen van een langdurige, evenwichtige en succesvolle samenwerking zonder onaangename verrassingen waar geen van beide partijen bij gebaat is.
Merk op : Franchising is geen vooraf gegarandeerd succes, maar wel een schaalbaar en kapitaal-efficiënt groeimodel dat ondernemingen in staat stelt hun marktpositie versneld uit te bouwen. De kracht van het model ligt in het systematisch organiseren van een netwerk van zelfstandige ondernemers binnen een centraal aangestuurd strategisch en operationeel kader. Door het combineren van lokale ondernemerszin met centrale merksturing, processen en expertise ontstaat een geheel dat structureel sterker presteert dan individuele ondernemingen.
In die context vat het bekende citaat van Ray Kroc – “Non of us is as good as all of us“– kernachtig samen wat franchising economisch en strategisch mogelijk maakt. Diezelfde gedachte vormt ook de kerngedachte van de Belgische Franchise Federatie (BFF). Net als in het citaat van Ray Kroc staat samenwerking centraal: franchisegevers en franchisenemers die elk vanuit hun eigen rol en expertise bijdragen aan een sterker geheel. Alleen door kennis te delen, belangen op elkaar af te stemmen en gezamenlijk te bouwen aan professionele en duurzame formules kan het franchisemodel zijn volle potentieel waarmaken.
30 december 2025.
| Alexander DUPONT | & | Benoit SIMPELAERE |
| alexander.dupont.be@gmail.com | benoit.simpelaere@flinn.law |
*** *** ***
[1] Art. I.11. Belgian Code of Economic Law.
[…] 2° “commercial cooperation agreement”: agreement concluded between two or more persons, whereby one person grants to the other the right to use a commercial formula in the sale of products or the provision of services in one or more of the following forms:– a common brand;
– a common trade name;
– a transfer of know-how;
– commercial or technical assistance.
[2] Laruelle 2.0 Act – “Much ado about nothing”? Presentation by Alexander Dupont and Benoit Simpelaere at the Belgian Franchise Federations Experts’ Day on 14 November 2024.
Share us!

